slogan
Nederlands
English

Tsjechische republiek

Oppervlakte 78.866 km2
Inwonertal 10,3 miljoen
Hoofdstad Praag

Economische ontwikkelingen vóór 2006
In vergelijking met de EU-15 zit de Tsjechische economie enorm in de lift. In de periode 2001-2004 bedroeg in de EU-15 de gemiddelde groei van het bruto binnenlands product (bbp) 1,5 procent. Tsjechië behaalde in diezelfde periode een gemiddelde groei van 3 procent. In 2004 was het verschil in bbp-groei het grootst (EU-15: 3 procent en Tsjechië: 6 procent). De stijging van het Tsjechische bbp in 2005 bedroeg 6,1 procent. De belangrijkste factoren achter deze aanhoudende groei waren en zijn nog steeds de toenemende industriële productie en export van voornamelijk de automobielsector. Dat de economische groei aanhoudt, is opmerkelijk vanwege een aantal factoren:

  • Tsjechië is een netto-importeur van brandstoffen, maar ondervindt nauwelijks negatieve gevolgen van de gestegen brandstofprijzen op de wereldmarkt; 
  • Het langzame economische herstel van de EU-15 zet Tsjechische exporteurs nauwelijks onder druk;
  • Een bescheiden groei in overheids- en consumentenuitgaven.

Economische ontwikkelingen in 2006 en daarna
Het ziet er niet naar uit dat de Tsjechische economie afkoelt na het recordjaar 2005. Door het succesvolle eerste kwartaal van 2006 (7,4 procent groei van het bbp), is het verwachte groeipercentage voor 2006 bijgesteld boven de 5,6 procent. De verwachte gemiddelde groei van het bbp in de EU-15 landen in 2006 bedraagt 2 procent. Analisten voorzien voor 2007 een groei van de Tsjechische economie van 5,1 procent. In 2006 en 2007 zullen kapitaalinvesteringen en consumentenuitgaven de grootste aanjagers van de economie zijn. Kapitaalinvesteringen zullen voornamelijk voortkomen uit geplande overheidsprojecten, die met EU-fondsen gefinancierd worden, en uit buitenlandse directe investeringen. Consumentenuitgaven blijven toenemen door een geplande verlaging van de inkomstenbelastingen en een aantrekkende arbeidsmarkt.


Inflatie
Over de periode 2001-2005 bedroeg het gemiddelde inflatiepercentage 2,3 procent. De verwachte inflatie van 2,9 procent in 2006 en 2,7 procent in 2007 blijft redelijk binnen de perken, omdat de Tsjechische kroon zich sterk blijft ontwikkelen ten opzichte van de euro. Toch stijgt de inflatie iets sterker dan voorgaande jaren als gevolg van verhogingen in prijzen van diensten en producten waarvan de prijs wordt vastgesteld door de overheid. Zo verhoogt de prijsstijging van elektriciteit van begin 2006 de tarieven voor gas- en stadsverwarming. Daarnaast zullen huren van bepaalde huurwoningen tussen 2007 en 2011 jaarlijks met bijna 20 procent moeten stijgen. Dit is nodig om de waarde van deze huurwoningen marktconform te maken.


Investeringsklimaat
De positie van Tsjechië zo dicht bij Duitsland en andere West-Europese landen is een belangrijke motivatie voor buitenlandse investeerders voor de keuze van Tsjechië als vestigingsplaats. Het feit dat je binnen tien uur in Tsjechië kunt zijn, is ook bij Nederlandse investeerders een overweging. De voordelen van productie in Tsjechië boven Aziatische landen zijn naast nabijheid, de mogelijkheid tot just-in-time leveringen, de meer verwante cultuur en de beter te beheersen managementprocessen. Naast deze factoren vormen de beschikbare technische arbeidskrachten tegen lagere lonen een grote aantrekkingskracht. In gebieden waar hoge concentraties van buitenlandse investeringen zijn, beginnen echter tekorten aan gekwalificeerd personeel te ontstaan. De beperkte arbeidsmobiliteit van Tsjechen maakt dat werknemers niet naar deze gebieden trekken. In de grensgebieden nemen bedrijven ook veel Slowaken in dienst en in sectoren als de bouw zijn veel Oekraïners werkzaam. Vooral de technische kwaliteiten van de Tsjechische werknemers worden gewaardeerd door buitenlandse investeerders. De lonen in Tsjechië zijn over het algemeen hoger dan in buurland Slowakije. Daar staat tegenover dat de arbeidsproductiviteit in Tsjechië de laatste jaren sterk is gegroeid. Op de Economist Intelligence Unit-wereldranglijst van landen met het gunstigste investeringsklimaat zal Tsjechië naar verwachting binnen een aantal jaar stijgen van 28ste naar de 24ste plaats. Een groot aantal investeringsfactoren zal zich namelijk op termijn positief ontwikkelen. Minder gunstige investeringsfactoren zijn de strenge arbeidswetgeving en de ingewikkelde normen voor de bedrijfsadministratie. Voorts heeft Tsjechië moeite met de handhaving van de EU-wetgeving en laten hervormingen in de sociale zekerheid, het belastingstelsel en de staatsstructuur op zich wachten. Dat is op zich weer ongunstig is voor de belastingdruk.


Werkgelegenheid
Er bestaan grote regionale verschillen op de Tsjechische arbeidsmarkt. Praag en de regio Centraal-Bohemen vertonen de laagste werkloosheidscijfers van het land van ongeveer 2,8 procent. De regio's Ústi en Silesië-Moravië kennen de hoogste werkloosheidspercentages van ongeveer 13 procent. Het gemiddelde werkloosheidspercentage bedroeg 7,1 procent in 2006. Dit is een daling ten opzichte van 2005, toen het percentage nog 8,9 procent bedroeg. Volgens analisten zal deze daling de komende jaren aanhouden. De verbetering van de werkgelegenheid is te danken aan de (buitenlandse) investeringen in zakelijke dienstverlening en industriële sectoren. Een opleving is met name te zien in industriële sectoren als elektrotechniek, automobielproductie, rubber- en houtverwerking. Bedrijven in de sectoren kleding, textiel en leerbewerking hebben het echter zwaar.


Marktsegmenten en koopkracht
Meer dan 71 procent van de Tsjechen woont in de steden. Steeds meer bewoners prefereren de buitenwijken of het platteland boven de stad. Praag kent nauwelijks werkloosheid en een grote vraag naar gekwalificeerde arbeid, waardoor de looninkomsten voor de Praagse werknemers veel hoger zijn. Voor producten die op de Praagse markt zijn gericht, kunnen dan ook hogere prijzen worden gevraagd. Tsjechië wordt net als Nederland geconfronteerd met een toenemende vergrijzing. De pensioengerechtigden behoren tot de lagere inkomensgroepen. Met de introductie van de markteconomie zijn de verschillen in inkomsten tussen sociale groepen sterk gestegen. Maar in tegenstelling tot landen als Rusland is er in Tsjechië geen sprake van een extreem rijke bovenlaag.
De Tsjechische levensstandaard is sinds de begin jaren negentig flink gestegen. Voorspellingen geven aan dat Tsjechië rond 2013 het niveau van de meer ontwikkelde Europese landen moet hebben bereikt. Volgens cijfers van Euromonitor consumeerden de Tsjechen in 2006 voor 57,4 miljard euro, een stijging van 6,9 procent ten opzichte van 2005. Het consumptiebedrag per hoofd van de bevolking is het hoogste in de regio (met uitzondering van Slovenië) en is reeds hoger dan dat van Portugal. Tegelijkertijd ligt het bnp op tweederde van het EU-gemiddelde. Uit onderzoek blijkt dat het verschil in koopkracht tussen Bohemen (het westen van het land) en Moravië (het oosten) groeit. De rijkste regio's liggen in Bohemen. De koopkracht in Praag is het hoogst en ligt 39 procent hoger dan het landelijk gemiddelde. De regio's Centraal-Bohemen, Zuid-Moravië en Pilsen volgen.